|
De
moedertaal(tamazighth):
Het Berber
is de moedertaal van ruim vijftien miljoen mensen. Het wordt naast
varianten van het Arabisch in heel Noord-Afrika gesproken: van
Zuid-Mauretanië tot de oase Siwa in Egypte, van de Middellandse-Zeekust
tot de zuidelijke Sahara. De grootste groepen wonen in Marokko en
Algerije. Bijna de helft van de Marokkanen en een derde van de Algerijnen
spreekt Berber. Ook de Tocaregs, de nomaden van de grote woestijn, spreken
een Berber dialect.
In Marokko
wordt Berber gesproken in het zuidwesten van het land, in het
Atlas-gebergte en in het oostelijke deel van het Rif-gebergte, aan de
MiddeHandse-Zeekust.Ook veel Marokkanen in Nederland en België spreken
Berber. Er zijn geen statistieken over de moedertaal van allochtonen in
Nederland, maar men schat dat ongeveer zeventig procent van de Nederlandse
Marokkanen Berbertalig is. Voor België moet men aan vergelijkbare ver
houdingen
denken. Dit komt door de bijzondere geschiedenis van de immigratie van
Marokkaanse gastarbeiders. In de jaren zestig hebben Nederlandse en
Belgische bedrijven hun arbeidskrachten voornamelijk geworven in het
noordoosten van Marokko, het gebied rond Alhoceima en Nador, dat bijna
uitsluitend Berbertalig is. Met de immigratie is de taalsituatie in de
thuisregio overgebracht naar het nieuwe vaderland.
Het Berber
heeft veel verschillende dialecten. De onderlinge verschillen kunnen zo
groot zijn dat men geneigd is van verschillende Berbertalen te spreken.
Iemand uit
Agadir in Zuidwest-Marokko kan bijvoorbeeld iemand uit Nador in de Rif
niet verstaan. Het verschil tussen deze twee dialecten is misschien te
vergelijken m dat tussen Nederlands en Duits. Hoewel men elkaar op 1
eerste gehoor niet kan verstaan, is er wel veel herkenbaar en men kan de
andere taal betrekkelijk snel op een redelijk niveau leren beheersen.
Berbers
noemen zichzelf vaak imazigen en hun taal tamazigt. Het woord 'Berber'
komt uit het Latijn barban wat weer uit het Griekse woord barbaros komt.
Dit woord betekent in wezen 'buitenlander, iemand die een onverstaanbare
taal spreekt'. In de klassieke cultuur kreeg dit begrip vanzelf een
negatieve bijklank. Uiteindelijk is ons woord 'barbaar' van ditzelfde
woord afgeleid. De associatie met het woord 'barbaar' maakt dat veel
Berbers een afkeer hebben van het woord 'Berber'. Zij geven de voorkeur
aan imazigen en tamazigt.
In dit boek
houd ik desondanks het woord 'Berber' aan. In de eerste plaats heeft deze
term in het Nederlands geen negatieve betekenis, en de associaties
verwijzen eerder naar tapijten. Bovendien is 'Berber' nu eenmaal het
Nederlandse woord. Ook in Frankrijk is het woord 'berber' gangbaar, zelfs
bij Berber organisaties.
Het Berber
is slechts in de verte verwant aan het Arabisch.Het Nederlands is
bijvoorbeeld nauwer verwant met het Russisch dan het Berber met het
Arabisch.
Doordat in Marokko naast het Berber al sinds duizend jaar Arabisch wordt
gesproken, zijn er wel veel woorden uit overgenomen. Op dezelfde manier
heeft het Marokkaans Arabisch weer veel overgenomen uit het Berber. Dit
neemt niet weg dat de twee talen in structuur en basiswoordenschat totaal
verschillend zijn. Iedere gedachte dat Berber een Arabisch dialect zou
zijn is taalkundig gezien nonsens.
Terwijl het
taalkundige verschil tussen Berber en Arabisch overduidelijk is, is het
nauwelijks mogelijk een scheiding te maken tussen een 'Marokkaans-Arabische'
en een 'Marokkaans-Berberse' cultuur. De 'hoge' cultuur, de cultuur van de
schrijftaal en van de godsdienst, is voor de meeste Marokkanen verbonden
met Klassiek Arabisch. Als we echter op meer plaatselijk niveau kijken
naar de traditionele culturen van het Marokkaanse platteland zien we dat
de verschillen eerder regionaal bepaald zijn dan bepaald door een
tegenstelling Berber-Arabisch. Alleen in die culturele regio's waar
slechts een van beide talen wordt gesproken, lijkt er zo'n tweedeling op
te treden.
De
onderlinge banden tussen sprekers van het Arabis, en sprekers van het
Berber kunnen goed worden geïllustreerd aan de hand van een stijlkenmerk
van Oost Marokkaanse sprookjes. In deze sprookjes komen vaak 'formules'
voor, zinnen met een vaste tekst, die meestal een speciale manier worden
uitgesproken. In veel Berber sprookjes zijn deze formules in het
Marokkaans Arabisch in sommige Marokkaans-Arabische sprookjes uit
hetzelfde gebied zijn de formules in het Berber!
Binnen
Marokko heeft het Berber lange tijd geen enkel officiële status gehad. In
officiële documenten werd liet bestaan doodgezwegen en de ideologie was
dat Berber eigenlijk niets anders was dan een van de vele varianten van de
Arabische moedertaal. Berber werd nergens onderwezen en in principe was
het zelfs ongewenst het als instructietaal bij het lager onderwijs te
gebruiken. In augustus 1994 heeft koning Hassan II in een toespraak
gewezen op het belang van het Berber (hij sprak toen o de 'nationale
dialecten'). Hiermee werd een reeds loper discussie naar een officieel
niveau gebracht. Sindsdien bestuderen commissies de mogelijkheden om
Berber op school in te voeren. Bovendien zijn er nu korte nieuwsbulletins
in verschillende Berber dialecten op de televisie te zien.
Als
geschreven taal heeft het Berber een opmerkelijke geschiedenis. Rond het
begin van onze jaartelling werd in Noord-Aftika een inheemse taal
geschreven met een speciaal alfabet, het Libische alfabet. Dit alfabet is
een aanpassing van het Punische schrift. Het schrift geeft alleen de
medeklinkers aan. Net als in het schrift waarvan het is afgeleid, worden
de klinkers niet geschreven. Er zijn vele honderden inscripties in dit
schrift bekend, maar de inhoud van deze teksten is meestal beperkt van
inhoud. Het gaat bijna altijd om grafstèles en de inscriptie noemt vaak
niet meer dan de naam van de overledene. Ondanks de schaarste aan
taalkundige gegevens en de problemen met de interpretatie van een enkele
langere tekst, wordt meestal aangenomen dat deze inscripties in een vroege
vorm van het Berber zijn geschreven. Het Libische alfabet is bewaard door
de Toearegs in de centrale Sahara, die korte mededelingen - graffiti,
amuletten en liefdesverklaringen-in een aangepaste versie van dit schrift
schrijven. In het Toeareg wordt het schrift Tifina genoemd, wat
waarschijnlijk 'de Punische (letters)' betekent. Buiten het Toeareg-gebied
is het Tifina7 na de komst van de islam overal in onbruik geraakt.
Ten tijde
van de dynastie der Almohaden (twaalfdedertiende eeuw) beleefde het Berber
als geschreven taal een renaissance. Dit keer werd het Arabische schrift
gebruikt. Deze oudste Berber teksten in Arabisch schrift hebben een
eenduidig spellingsysteem, wat erop wijst dat
de spelling
op een bepaald moment bewust gecreëerd en ingevoerd is. Uit Arabische
bronnen is bekend dat e in deze tijd meerdere religieuze teksten in liet
Berber geschreven zijn. Helaas is hier zo goed als niets van bewaard
gebleven. Kort geleden is echter door het speurwerk van de Leidse
berberoloog Nico van den Boogert een aantal afschriften van een groot
Arabisch-
Berber
woordenboek uit deze tijd aan het licht gekomen. De studie van deze
teksten belooft een grote hoeveelheid informatie over vroegere stadia van
het Berber en over geschiedenis van het geschreven Berber op te leveren.
Ook na de
Almohaden is het Arabische schrift gebruikt om er Berber mee te schrijven.
Vanaf de zestiende eeuw is er een geleerdencultuur in Zuidwest-Marokko, in
de streek die de Sous wordt genoemd, die zich van het Berber bedient. De
inhoud van deze teksten is rchgieus: het betreft vaak islamitische
wetboeken, aansporingen t goed gedrag en waarschuwingen tegen ketterij en
en-islamitische gebruiken. Sommige teksten zijn heel aangrijpend, andere
overstijgen niet het niveau van gedichten in een evangelisch jeugdblaadje.
Er zijn geen aanwijzingen dat buiten de Sous het Berber regelmatig
Arabisch schrift is opgeschreven.
In de
twintigste eeuw is het onder invloed van de kolonisatie gebruikelijk
geworden om Berber in het Latijnse schrift te schrijven. Bijna alle
wetenschappelijk en semi-wetenschappelijke publicaties over het Berber
gebruiken dit schrift. De Witte Paters in Kabylië (Algerije) hebben grote
invloed gehad bij het op schrift stellen van het Berber, en het door hen
ontworpen spellingsysteem heeft algemeen ingang gevonden. Tegenwoordig
verschijnen er romans en dichtbundels die in deze spelling zijn
geschreven.
Nu het
gebruik van het Berber als schrijftaal steeds algemener wordt en er steeds
meer aanwijzingen komen dat Berber ooit binnen het onderwijs een rol zal
gaan spelen, wordt de vraag naar de keuze van een schriftsysteem steeds
belangrijker. Daarover bestaan drie opvattingen. In de eerste plaats zijn
veel pleitbezorgers van het Berber voor een aangepaste vorm van het
Tifinay. Enkele tientallen jaren geleden heeft de Académie berber een
nieuw alfabet ontworpen, geïnspireerd op de tekens en de vormentaal van
het Tifinay. Dit mengsel van oude en nieuwe elementen, het 'neo- Tifinay,
wordt beschouwd als een moderne variant van het oorspronkelijke Berber
schrift. Met een eigen schrift benadrukt men de eigenheid en de lange
geschiedenis van het Berber als taal en cultuur. Hoewel veel mensen
sympathie voelen voor dit schrift, wordt het in de praktijk weinig
gebruikt. Als het wordt gebruikt is het vooral voor korte teksten:
titelregels bij kranten, spandoeken en dergelijke. Naar mijn weten zijn er
nog maar weinig boeken in uitgegeven.
Een andere
mogelijkheid is het gebruik van het Arabische schrift. Dit wordt vooral
voorgestaan door intellectuelen in de Sous. Zij gebruiken al enkele
tientallen jaren een zelf ontworpen spelling in Arabisch schrift. Dit
nieuwe Sous-Berber in Arabische letters staat volkomen los van de oude
islamitische traditie in hetzelfde gebied(Zuidwest-Marokko wordt het
nieuwe spellingsysteem zogenaamde Agadir-spelling) regelmatig gebruikt,
voor dichtbundels, toneelstukken en sinds kort zelfs voor een krant. Ook
voor andere Berber dialecten wordt soms het Arabische schrift gebruikt.
Vooralsnog
lijkt de derde optie, het Latijnse schrift. de meest serieuze kandidaat.
Er is al een groot aantal publicaties verschenen waarin Berber met dit
schrift geschreven wordt. In Kabylië en in de Kabylische gemeenschap in
Frankrijk wordt voornamelijk het Latijnse schrift gebruikt. De Kabylen
zijn in veel opzichten voortrekkers van de Berberse culturele en
taalkundige beweging en het valt te verwachten dat de keuzes die Kabylië
worden gemaakt in Marokko weerklank zullen vinden. Bovendien wordt het
Latijnse schrift ook gebruikt in wetenschappelijke publicaties over het
Berber.
In 1995
heeft een aantal onderzoekers en pleitbezorgers voor het Berber in
Nederland besloten tot een standaardisering van de verschillende
spellingsystemen voor het Rif-Berber, de belangrijkste Berber-taal in
Nederland, In principe wordt de keus geboden uit een van de drie
schriftvormen, Tifina, Arabisch of Latijn. Binnen deze schriftvormen is
een set standaardsymbolen afgesproken. |